Slap koord

Dit verhaaltje is gebaseerd op een mening.

Sarah begreep het niet. De juf had gezegd dat ze vandaag mochten spelen zoals ze zelf wilden. En gisteren was de juf nochtans heel boos geweest. Gisteren had de zesde klas het gedurfd om te trappen tegen de Gele Bal en dan nog aan de rechterkant van de speelplaats.

De Gele Bal was de bal voor de handen en daarmee mocht je enkel mee gooien en alleen aan de linkerkant van de speelplaats. De Rode Bal was de bal voor de voeten, en daarmee mocht je alleen trappen, niet gooien, en enkel aan de rechterkant van de speelplaats. Dat waren de regels. Die waren er gekomen omdat al te vaak een bal tegen het gezicht van een kind op de speelplaats was gevlogen. Er was zelfs al een bril stuk geraakt en iemand had ooit een bloedneus gehad door die ballen.

Maar vandaag mocht alles. Iedereen liep door elkaar en de gele en de rode ballen vlogen in het rond.

“Fijn hé!”, riep Kareltje terwijl hij een harde trap gaf op de gele bal. De bal vloog door de lucht en miste net het hoofd van Pippa die aan het touwtje springen was.

“Pas op!”, riep Sarah nog. Gelukkig vloog de bal ver boven het hoofd van Pippa naar de andere kant.

Pippa schrok en struikelde over haar springtouw.

“Hé, wat doe je nu?”, riep Pippa.

“Het spijt me “, zei Sarah, ik dacht dat bal tegen je hoofd zou vliegen.

“Ik zag de bal wel komen hoor”, mopperde Pippa. Nu moest ze helemaal opnieuw beginnen. Haar springtouw zat vast in aan haar been en bleef haperen aan haar jurk.

Sarah vond het maar niets. En nu was zelfs Pippa, haar beste vriendin, boos op haar.

Plots was er herrie aan de andere kant van de speelplaats. Ze zag Kareltje lopen met de Gele Bal in zijn handen. Zijn vrienden waren boos. Ze riepen hem na: “Valsspeler!! Dit mag niet !!”.

Kareltje en zijn vrienden hadden gevoetbald met de Gele Bal. Deze bal was normaal gezien voor de handen en niet voor voeten. Nu had Kareltje de bal opgepakt met zijn handen en was er mee naar het doel van de tegenstander gelopen.

“Dit mag niet, dat is tegen de regels. Je mag de bal niet met je handen vastnemen”, riepen ze.

Kareltje zei dat dit wel mocht.

“Vandaag is de dag dat alles mag”, antwoordde hij, “en trouwens, het is een Gele Bal, die mag je met je handen vast nemen.”

De kinderen stopten met spelen. Zo kon dit niet verder gaan. Iedereen was boos. Kareltje ging bij Sarah zitten.

“Ze willen niet meer met me spelen”, zei hij tegen Sarah.

“Toch wel” zei Sarah, “maar je moet wel eerlijk spelen.”

Kareltje begreep het niet. Vandaag was toch de dag dat alles mocht?

De poortwachter keek Kareltje streng aan. “Het is niet omdat vandaag alles mag, dat alles mag”, gromde hij met een diepe stem.

Kareltje schrok. Die pop kon praten!

“Het spijt me,” zei Karel de tegen de poortwachter. Hij stond op, nam de Rode Bal en liep naar zijn vrienden om een nieuwe wedstrijd te beginnen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *