Worst

“Het is koud in de wereld”, zei ze. Ze zaten samen aan de tafel. Hij keek naar de thermometer die aan het raam hing. “De wereld is koud”, verduidelijkte ze. Ze had het niet over de temperatuur van het seizoen. “De wereld mist haar centrale verwarming.” Hij begreep haar observatie. De wereld werd nu verwarmd zoals hun huis op die dagen dat ze weer eens te laat stookolie hadden besteld. Met kleine elektrische vuurtjes die zorgden dat je net niet bevroor. Zo ook al die solidariteit die afgelopen jaar her en der was opgedoken. Vuurtjes om te vermijden dat de wereld zou bevriezen.

Op de radio klonk de warmte van vroeger. “Ik wil een worst op de barbecue deze zomer”. Een ontheemde uitspraak, want ze aten niet vaak worst op de barbecue. De worst stond symbool voor de gezelligheid bij het vuur, bij voorkeur in de late avondzon, met die vrienden die toevallig voorbij kwamen. Omdat ze wisten dat de kolen dan op hun best waren.

De radio zweepte de temperatuur op. Zonnestralen uit de luidspreker. Plots zag hij de vrienden verschijnen. Fles wijn in de hand. De één had zijn gitaar bij, de ander zijn accordeon. Een teken dat ze zou zingen, maar dat kon nog even duren. Ze was timide. Eens ze zong, transformeerde ze tot de meest geweldige zangeres. En zo gebeurde het ook. Terwijl hij het vuur aanstak, begon ze te zingen en gingen de bezoekers aan het dansen. De kurk was van de fles. Opgekropte emoties spoten in het rond. De gitarist speelde alsof zijn leven ervan af hing. Zonder muziek leeft een gitarist niet. En ook de anderen niet. Het had aan een zijden draadje gehangen.

Dit is wie we zijn, dacht hij. Menselijkheid laat zich best zien in het universum van de noten. Ze lachten uitbundig. Ze voelden wat ze gemist hadden. Armen die leiden, vingers die strelen en grijpen, zachte lippen die kussen. Ogen die blinken. Er werd gedraaid en gegraaid. Het lied bereikte zijn  hoogtepunt. Een magisch moment.

De gloed van de lage zon dimde. De muziek stopte. Hij keek op van het vuur. De dansers waren weg. De zon achter de horizon. De gitarist verdwenen. Geen noten, enkel cijfers en grafieken op de tafel tussen hen. Ze zong niet meer. Een lege droom.

“Maar morgen wordt het warmer”, zei ze. Dat had men haar verteld. Hij knikte, streelde haar hand en kuste haar zachte lippen alsof het de eerste kus was.

“Ik bestel alvast de worsten”, zei hij.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *