Instagram
04/01/2017

Met vijf stonden ze samen rond het klassieke plastieken receptietafeltje dat overtrokken was met een voor de gelegenheid gouden hoes in stretchtextiel. Deze editie moest als een waar feest worden gezien. Nog nooit waren er zoveel nieuwe leden. Nog nooit hadden ze zoveel aandacht gekregen. De sfeer was echter niet zo uitbundig als de organisatoren het hadden gewild. De betrokkenen voelden zich gefaald. Zij hadden het niet kunnen vermijden. Meer nog, ze geloofden niet dat ze het ooit zouden kunnen tegenhouden, met hoeveel ze ook zouden zijn.

Het was het nieuwjaarsbal van veiligheid. De bodyscanners, de bewakingscamera’s en de slagbomen, ze waren er allemaal. Eén keer per jaar mochten ze hun plek verlaten. Niemand wist wanneer het feest zou plaats vinden. Het zou immers een groot veiligheidsrisico inhouden. Maar één keer per jaar kwamen ze samen, enkele dagen na nieuwjaar, als de moeilijkste momenten voorbij waren. De slagbomen hadden het feest aanvankelijk bedacht. Ze waren toen nog alleen. De camera’s bestonden nog niet, laat staan de hypermoderne scanners. Nu stonden ze wat afzijdig mee te luisteren naar het wel en wee van die moderne hippe nieuwelingen. Ze deden waar ze goed in waren. Af en toe ja-knikken. Ze hadden niet veel te vertellen. Ze hadden het allemaal al gezien.

De camera’s voerden het hoogste woord. Hoe van hen verwacht werd dat ze elke beweging zouden opmerken, nog voor de beweging verdacht was. Nog voor er een beweging was. Toegegeven, ze waren er steeds beter in geworden. Ze konden nu gezichten onderscheiden en nummerplaten herkennen. Sommigen konden, als ze samenwerkten, zelfs snelheden berekenen en aangeven of het risico bij impact niet te hoog zou worden. Maar met al die nieuwe mogelijkheden was ook de stress toegenomen. Er werd altijd naar hen gekeken als het mis ging. De beeldkwaliteit was dan toch niet zoals beloofd als er een verdachte moest geïdentificeerd worden. Of het incident gebeurde als ze net even de andere kant opkeken.

Daar waar ze vroeger gezien werden als echte hulp voor de veiligheid, als extra ogen voor die agent die ervoor moest zorgen dat de massa zonder kleerscheuren bij de uitgang kwam, werden ze nu als spionnen ingeschakeld. Alles was verdacht tot het tegendeel bewezen werd. Vroeger was het net andersom. De slagbomen knikten.

De scanners waren het meest ontgoocheld. Niemand had waardering voor hen. Ze hadden al de reputatie pervers te zijn. Dat ze door textiel konden kijken en de meest intieme delen van een mensenlichaam in kleur konden laten zien. In de film, ja, daar werden de beelden onbeschaamd getoond. De echte professionals hielden het discreet. Maar nu stonden ze zo op scherp dat ze biepten en zoemden bij elke doorgang. Bezoekers, passagiers, ze waren als de dood voor de veiligheidspoortjes en die opdringerige ping-pong-paletten die onder oksels en tussen beenholtes werden gestopt. Nee, de scanners hadden er weer een jaar van onderwaardering op zitten. En dat tikte aan.

Eén van de nieuwelingen had een idee. Als ze nu eens de mooie momenten zouden vastleggen? Als ze nu eens een foto zouden nemen van een opa die met zijn kleinkind met een ballon in de hand de straat over steekt? Of van die mama die trots haar baby laat zien aan haar vriendin die voorbij komt? Of twee vrienden die, afgepeigerd maar bijzonder voldaan, van het voetbalveld stappen? Hij had connecties met Instagram zei de nieuweling. Hij zou iedereen wel online krijgen. Allemaal foto’s van het mooie dat zich onder hun lenzen afspeelden. Op grote schermen. Op het internet. De camera’s werden er zowaar opgewonden van.

De slagbomen keken naar elkaar en begrepen het niet? Instagram?